Convenant moet stil leed op platteland zichtbaarder/bespreekbaarder maken

Dalfsen – Vertegenwoordigers van vijf bedrijven, die regelmatig te maken hebben met de agrarische sector, zoals dierenkliniek Vechtdal, Hardenberg en uitzendbureau Wark uit Mariënberg, hebben vrijdag, in het bijzijn van onder andere wethouder Jan Uitslag uit Dalfsen, Ko Scheele uit Ommen en Gitta Luiten uit Hardenberg, een convenant ondertekend met de Stichting Boer & Toekomst Vechtdal.

Omdat steeds meer agrariërs minder toekomstperspectief zien en meer (financiële en/of psychische) problemen op zich af zien komen is in 2017 op initiatief van LTO Noord en Stichting Stimuland het Platform Boer & Toekomst Vechtdal opgericht. Het Platform is een vrijwilligersorganisatie, die werkzaam is in de gemeenten Hardenberg, Ommen en Dalfsen. Zij beijvert zich voor het bieden van hulp aan boeren, die over het algemeen niet snel om hulp vragen.

Stil leed signaleren en bespreken

‘Met het convenant en het uitreiken van een vignet hopen we te bereiken dat elke medewerker van de aangesloten partijen zich actief inzet om het stil leed op het platteland te signaleren en bespreekbaar te maken,’ aldus melkveehouder en Platformvoorzitter Bert Ruitenberg.

Meerdere factoren

‘Stil leed is niet nieuw, maar heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen. Twintig jaar geleden kon je nog gewoon met heel hard werken prima de kost verdienen. Dat moet nu nog en kan ook nu nog, maar de marges zijn een stuk kleiner geworden. De wet- en regelgeving is groter geworden en ook de publieke opinie speelt enorm mee. Er wordt constant over je schouder meegekeken wat je doet, hoe je het doet. Allemaal redenen waardoor een agrariër kan denken: nu is de maat vol. Het is vaak niet een reden, maar een combinatie van factoren waardoor een agrariër het lastig krijgt. Belangrijk is dan vooral het signaleren en bespreekbaar maken van de problemen, zodat er eventueel hulp in gang gezet kan worden. Daar is het convenant voor. Een heel mooi startpunt,’ aldus Ruitenberg bij de ondertekening. 

Met betrekking tot de ondertekening van het Convenant sprak hij over een belangrijke dag. Hij toonde zich met name verheugd over het feit dat zogenaamde erfbetreders (mensen die vanuit hun beroep het boerenerf bezoeken, familie, vrienden, wijkverpleging, maar ook zeker buren en buurtbewoners ) zelf het idee van een convenant hebben geopperd. Dit is een heel goed voorbeeld, dat hopelijk goed doet volgen.

‘De agrariër komt vaak niet zelf bij ons. De afgelopen twee jaar is er slechts een boer geweest, die zelf aan de bel getrokken heeft. We moeten het vaak van toeleveranciers, medewerkers, gezinsleden hebben, die bepaalde zaken signaleren. Als Platform hopen wij dat heel veel bedrijven zich bij het convenant gaan aansluiten, zodat het gemeengoed wordt dat je het met mensen over de situatie hebt.’

Het belang van het bespreekbaar maken van moeilijkheden werd tijdens de ondertekening ook benadrukt door Hans Wijlens. Hij ondertekende het convenant namens Fakkert diervoeders uit Hoonhorst en benadrukte in een indrukwekkende speech dat een boer zich over het algemeen vaak stoer probeert te houden, maar dat dat helemaal niet hoeft. Signalen van eventuele problemen noemde hij onder andere mindere verzorging van het vee, tegenvallende producties, afspraken die niet nagekomen worden, vage gezondheidsklachten, veel klagen, betalingsachterstanden of een chaotische administratie. ‘Met de ondertekening van het convenant willen ook wij ons inzetten voor het signaleren en bespreekbaar maken van eventuele problemen. Door het convenant zichtbaar te maken en de doelstelling uit te dragen hopen wij dat de problemen de aandacht krijgen en dat het vanzelfsprekend wordt om ze te bespreken. Een boer hoeft zich nooit stoer te houden,’ aldus Wijlens.

Het Platform Boer en Toekomst vraagt mensen die zich zorgen maken om een agrariër met klem om dit bij haar te melden. ‘Uw verhaal is veilig bij ons. Wij gaan op zoek naar hulp,’ aldus de organisatie.(meer over de organisatie en het convenant valt te lezen op de website boerentoekomstvechtdal.nl).