'Dodelijk steekincident was noodweer'

Dedemsvaart – De verdachte van het doodsteken van een bekende in Dedemsvaart in augustus beroept zich op noodweer. Hij werd door het latere slachtoffer aangevallen, betoogde zijn raadsvrouw dinsdag in de rechtbank in Zwolle.

Het dodelijk steekincident vond plaats op 3 augustus in de woning van de 46-jarige verdachte in Dedemsvaart. Volgens raadsvrouw Wendy Alberts drong het latere slachtoffer de woning van haar cliënt binnen. De verdachte wist de 34-jarige aanvaller eerst nog met een toevallig op de gang staande schop af te houden. Hij kreeg de deur echter niet voor de neus van de aanvaller gesloten. Door ademhalingsproblemen – de verdachte heeft een longaandoening – zag hij zich genoodzaakt in de keuken iets te pakken om zich te verdedigen. Het werd een koksmes waarmee het slachtoffer uiteindelijk gestoken werd. ,,Mijn cliënt kan zich niet herinneren of hij de man gestoken heeft'', zei de advocaat, ,,maar uitsluiten kan hij het evenmin''. Ook is het mogelijk dat het slachtoffer 'in het mes is gelopen'. Toegesnelde agenten poogden het slachtoffer nog te reanimeren maar het mocht niet baten.

De verdachte en het slachtoffer kenden elkaar en hadden al vaker ruzie. Er zijn getuigen die de verdachte hoorden zeggen dat hij zijn belager ging neersteken. De raadsvrouw heeft twijfels over die getuigenverklaringen. Ook verzocht ze om haar cliënt op vrije voeten te stellen. Enig gevaar voor herhaling is er niet, stelde ze. De officier van justitie verzette zich daar tegen. Er waren eerder incidenten en onduidelijk is wat nu precies de aanleiding voor de steekpartij was. Daarnaast wordt de man ook verdacht van het mishandelen van zijn toenmalige partner. De man gaf toe haar geduwd te hebben, maar het kan volgens de raadsvrouw geen pijn of letsel veroorzaakt hebben. Ook dat de vrouw van de trap viel na de trap, wordt betwist. 

De rechtbank besloot na beraad dat de 46-jarige man uit Dedemsvaart vast blijft zitten. Zo is nog niets bekend over de geestestoestand van de verdachte. Mogelijk wordt in februari de zaak inhoudelijk behandeld. 

Door Michiel Satink